Ongehoord publiceerde in januari 2020 een uitgebreid onderzoek naar slachthuizen. Een undercover werknemer filmde in augustus 2019 de dagelijkse activiteiten in varkensslachthuis Westfort te IJsselstein. Wekelijks worden hier 50.000 varkens gedood voor vleesproductie, met een tempo van 650 dieren per uur. Na Vion en Van Rooi Meat is Westfort de derde grootste varkensslachter van Nederland. Het bedrijf is erkend door de NVWA (Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit) en gecertificeerd om varkensvlees te produceren met de keurmerken EKO (biologisch), KDV (Keten Duurzaam Varkensvlees) en Beter Leven.
Het undercoveronderzoek toont hoe varkens onder stressvolle omstandigheden aankomen in het slachthuis. Dagelijks worden dieren aangevoerd die ernstige gezondheidsproblemen vertonen, zoals abcessen, navelbreuken, staartbijtwonden, pootgebreken, hittestress en uitputting. De varkens worden routinematig geslagen en hardhandig aan oren en staarten beetgepakt.
Voorafgaande aan de slacht worden de varkens vergast, geëlektrocuteerd of in de kop geschoten met een penschiettoestel. Deze pijnlijke ‘bedwelmingsmethoden’ garanderen niet dat alle dieren bewusteloos zijn tijdens het slachtproces. We zien hoe een varken met een opengesneden keel bij bewustzijn komt en probeert weg te rennen.
Naar aanleiding van het undercoveronderzoek heeft Ongehoord in wetenschappelijke literatuur onderzocht of de beelden van Westfort representatief zijn voor de slachtsector. Uit het literatuuronderzoek blijkt dat het gefilmde dierenleed inherent is aan de werkmethoden die gangbaar zijn in alle Nederlandse en Europese varkensslachthuizen.
Jaarlijks worden in Nederland ruim zestien miljoen varkens geslacht. De transportomstandigheden, de onbekende omgeving van het slachthuis met veel beweging en lawaai, de confrontatie met onbekende mensen en soortgenoten, het opgejaagd worden en de inhumane verdovings- en dodingsmethoden in de slachthuizen leiden onvermijdelijk tot een hoge mate van stress, angst en pijn voor deze gevoelige en hoogintelligente dieren.
Waar is gefilmd
1 locatie

Natuurlijk varkensleven
Wilde zwijnen zijn groepsdieren die in bosrijke gebieden leven. Varkensgroepen worden gekenmerkt door een matriarchale structuur. Een twee- tot vijftal nauw verwante zeugen met hun nakomelingen trekken samen op, jongvolwassen beren scheiden zich van de groep af op een leeftijd van 7-8 maanden. De jonge beren vormen dan groepjes van 2 tot 3 dieren. Volwassen beren (ouder dan 3 jaar) leven meestal solitair. In de paartijd sluiten de beren zich tijdelijk aan bij een groep.
Het leefgebied van een familiegroep varkens kan, afhankelijk van de beschikbaarheid van voedsel, variëren van minder dan 100 ha tot meer dan 2500 ha. Hoger gelegen, dichtbeboste delen van het gebied worden gebruikt voor rust en nestplaats, terwijl lagere, meer open terreinen gebruikt worden om voedsel te zoeken.
Varkens zijn in principe dagdieren, maar ze zijn vooral actief in de ochtend en de avond. De dagelijkse activiteiten van varkens bestaan voornamelijk uit verkennen (exploreren) en voedsel zoeken (foerageren). Daarbij zijn ze sterk gericht op de grond: met hun typische varkenssnuit snuffelen, knabbelen en wroeten ze in de aarde. Varkens nemen graag de tijd om te exploreren en foerageren. Hun lichaamsbouw (met relatief zware romp) is niet geschikt voor snelle bewegingen. Echt rennen doen ze zelden en slechts over enkele meters. Wel kunnen ze lange afstanden lopen in een flink tempo, maar het zijn voornamelijk jongvolwassen en solitair levende beren die afstanden afleggen.
De neus is het belangrijkste zintuig van een varken, niet enkel om voedsel te zoeken, maar ook om de omgeving te verkennen. Het zichtvermogen van varkens is niet sterk; de dieren kunnen slechts beperkt kleuren zien en moeilijk afstanden inschatten. Zo zien ze slecht of een donkere plek een schaduw is of mogelijk een gat. Hierdoor zijn varkens erg voorzichtig wanneer ze op onbekend terrein komen. Ze besnuffelen uitgebreid de grond en eventuele obstakels. Naast de geur is ook het gehoor een belangrijk zintuig voor varkens. Onbekende geluiden en lawaai kunnen op gevaar wijzen en schrikken hen op.
Bij warm weer nemen varkens graag een modderbad om af te koelen. Dit wordt ook wel ‘zoelen’ genoemd. Varkens kunnen slecht tegen zomerhitte. Ze hebben geen functionele zweetklieren, maar wel een isolerende laag vet en een huid die gevoelig is voor zonnebrand. Bij warm weer hijgen de varkens, maar het warmteverlies door hijgen is beperkt. Door een modderbad te nemen daalt hun huid- en lichaamstemperatuur, en vermindert de verhoogde ademhaling ten gevolge van verhitting. Varkens zoelen vooral vanaf 20 graden.[1]
Een groot deel van de tijd besteden de dieren aan rusten en slapen, wel 16 tot zelfs 19 uur per etmaal. De nacht wordt gezamenlijk doorgebracht in een gemeenschappelijk nest. Varkens hechten veel belang aan het schoonhouden van de rustplaats; ze mesten op een aparte plaats die 5 tot 15 meter van het nest verwijderd is.
Binnen de familiegroepen heerst een hiërarchie waarbij de oudere en zwaardere varkens het hoogst in de rangorde staan. Varkens kennen binnen hun groep sterke sociale banden; ze stemmen hun gedrag op elkaar af, zoals bijvoorbeeld samen in een gemeenschappelijk nest slapen of samen op zoek gaan naar voedsel.
Door de hiërarchie binnen de groep komt agressie weinig voor. Conflicten om voedsel bijvoorbeeld blijven beperkt tot wat dreigen en imponeren, waarna het sociaal lagere dier ‘afdruipt’. Varkens uit andere groepen worden echter zelden getolereerd. Dieren die tot verschillende groepen behoren, zullen doorgaans niet dichter dan 50 meter bij elkaar in de buurt komen. Soms komt het toch tot confrontaties, wat resulteert in vechtpartijen. Dergelijke gevechten kunnen 30 – 60 minuten duren, maar meestal wordt het conflict al na 2-3 snelle en felle aanvallen beslecht. De verliezer draait weg en slaat op de vlucht.
Communicatie tussen varkens is van groot belang. Hun sterke reukzin maakt het hen niet alleen mogelijk om elkaar te herkennen aan de geur, maar wordt ook gebruikt om informatie door te geven. Wanneer een varken bijvoorbeeld urine van gestreste varkens ruikt in een bepaald gebied, dan zal het dier dit gebied mijden.[2]
Varkens communiceren ook met lichaamstaal en met geluiden (vocalisaties). Lichaamstaal wordt vooral gebruikt in confrontaties. Dominante dieren zullen met de voorbenen krabben, rugbeharing opstellen, of het hoofd met licht geopende muil naar het andere dier draaien. Bange en onderdanige varkens leggen hun oren in de nek, buigen de kop af, laten de staart hangen en wijken uit. Varkens worden ook beïnvloed door de emotionele toestand van andere varkens en zelfs mensen, wat de meest simpele vorm van empathie genoemd kan worden.[3]
Voor identificatie en coördinatie van groepsactiviteiten communiceren varkens vaak met vocalisaties. Onderzoekers hebben meer dan twintig verschillende varkensgeluiden vastgesteld. Er zijn onder andere knorgeluiden waarmee varkens elkaar laten weten dat ze tevreden zijn, gromgeluiden om misnoegen te uiten, geluiden om aan te geven waar een dier zich bevindt, of om groepsgenoten bij elkaar te roepen en kreten om angst en pijn uit te drukken. Varkens beschikken zelfs over een speciale ‘waarschuwingsblaf’ om elkaar te waarschuwen bij gevaar. Deze ‘blaf’ wordt dan door de overige groepsleden overgenomen waarna de dieren ‘freezen’ (bewegingloos blijven staan), of op de vlucht slaan.[4]
Varkens staan bekend om hun intelligentie. Zo kunnen varkens objecten met verschillende kleuren en vormen van elkaar onderscheiden, hebben ze een besef van tijd, kunnen ze individuen (zowel varkens als mensen) onderscheiden, hebben ze een langetermijngeheugen en zijn ze in sommige spelletjes beter dan honden en primaten.[5]
Nog lang niet alle cognitieve vermogens van varkens zijn bekend. Eind 2019 publiceerde ecoloog Meredith Root-Bernstein onderzoek waarin voor het eerst werd vastgesteld dat varkens gereedschap gebruiken voor het bouwen van hun nest. Root-Bernstein heeft bovendien sterke vermoedens dat varkens in staat zijn hun kennis over gereedschapsgebruik door te geven aan groepsleden en nakomelingen.[6]
Wetenschappelijke studies tonen aan dat er met betrekking tot de basisorganisatie van het gedrag, geen fundamentele verschillen zijn tussen wilde zwijnen en de gedomesticeerde varkens die gehouden worden in de vleesindustrie. Vleesvarkens worden geslacht wanneer ze ongeveer zes tot zeven maanden oud zijn, dit terwijl varkens van nature 10 à 20 jaar kunnen worden (afhankelijk van het ras).
Overige bronnen: RDA. Natuurlijk gedrag van varkens. Advies RDA 2006/5: p19-30[7]

Stress en mishandeling
Uit vakliteratuur blijkt dat het transport van dieren naar de slachthuizen gepaard gaat met veel stress. In vrachtwagens die tot 205 varkens kunnen bevatten, worden dag en nacht dieren aangevoerd vanuit varkensmesterijen. Voorafgaande aan het transport moeten de varkens 12 tot 18 uur vasten om mestproductie en salmonellabesmettingen op de vrachtwagens en in het slachthuis te beperken.[8]
De dieren hebben hun leven doorgebracht in een hok en worden bij het transport en in het slachthuis geconfronteerd met onbekende omstandigheden en nieuwe soortgenoten (uit verschillende hokken en uit verschillende bedrijven). Varkens zijn gewend aan roostervloeren in de stal en voelen zich niet op hun gemak wanneer ze zich over de gladdere vloeren van vrachtwagens en laadbruggen moeten bewegen. Regelmatig komt het voor dat varkens uitglijden en vallen.[9]
Ook werd in studies agressief gedrag vastgesteld bij varkens tijdens transport, vooral wanneer dieren die elkaar niet kennen samen vervoerd worden. In de vrachtwagens hebben sociaal zwakkere dieren geen ruimte om dominante dieren te ontwijken. De dieren lopen bij deze confrontaties schrammen en bijtwonden op. Bewegingen van de vrachtwagen, plotseling remmen, scherpe bochten en hoge snelheden leiden eveneens tot stress, valpartijen en verwondingen.[10]
In de zomermaanden is het risico op hittestress bij varkens op transport groot. Het nationaal plan voor veetransport bij extreme temperaturen verbiedt het vervoer van varkens bij temperaturen boven 35 graden.[11] Maar volgens deskundigen kunnen de dieren reeds hittestress ervaren vanaf temperaturen van 25 tot 27 graden, waarbij ze sterk gaan hijgen om wat warmte kwijt te raken. Normalerwijze proberen varkens bij warm weer contact met elkaar te vermijden, en gaan ze languit uitgestrekt op de vloer liggen om verkoeling te zoeken.[12] Deze mogelijkheden hebben ze niet in de vrachtwagens. Vaak moeten vrachtwagens bij aankomst in de slachthuizen nog aanschuiven om gelost te worden, waardoor de dieren soms meerdere uren doorbrengen in de verhitte laadruimtes. Ernstige hittestress kan leiden tot hartfalen en sterfte.[13]
Bij aankomst in het slachthuis worden de varkens uit de vrachtwagens gejaagd met klappers die lawaai maken. Het opjagen van varkens door hen bang te maken kan op geen enkele manier diervriendelijk genoemd worden. Continu lawaai maken met klappers, snelle bewegingen, en ook roepen en in de handen klappen, leidt tot stress bij de varkens. Ze raken geëxciteerd maar hebben in het slachthuis geen mogelijkheid om vluchtgedrag te vertonen. Soms kunnen varkens zelfs letterlijk verstijven van angst, en weigeren ze zich nog voort te bewegen. De klappers worden bovendien voornamelijk gebruikt om dieren te slaan.[14]
Wetenschappelijk onderzoek van WUR (Wageningen University & Research) geeft aan dat de hartslag van varkens sterk stijgt bij het laden en lossen van vrachtwagens, wat wijst op een hoge mate van stress (15). Het slaan met opdrijfmiddelen leidt tot kneuzingen bij de varkens. Uit histologisch onderzoek in slachthuizen blijkt dat meer dan 90% van de kneuzingen die aangetroffen worden op varkenskarkassen ontstaan is in de uren voor de slacht, ten gevolge van het opdrijven voor transport en in het slachthuis.[16]
Ook de confrontatie met onbekende soortgenoten in het slachthuis is een stressfactor. Mede omdat de dieren tijdens transport en verblijf in de slachterij al uit hun normale doen zijn, en ze weinig ruimte hebben om confrontaties te ontlopen, leidt dit tot een aanzienlijke mate van stress. Wanneer varkens die elkaar niet kennen samen ondergebracht worden in een wachthok, leidt dit tot onrust en vechten, omdat dan de rangorde opnieuw bepaald moet worden.[17]
De undercoverbeelden die Ongehoord maakte bij varkensslachter Westfort in IJsselstein bevestigen de stressvolle omstandigheden waarin varkens aangevoerd worden. Dieren glijden uit over met uitwerpselen besmeurde vloeren van vrachtwagens en laadkleppen, komen oververhit en uitgeput uit de laadruimtes, en vertonen striemen en wonden. Roepen en slaan bij het uitladen is de norm. Transporteurs slaan varkens uit de wagens, werknemers jagen de dieren hardhandig en tegen hoge snelheid de laadbruggen af. Dieren die te zwak zijn om nog op hun poten te staan, worden geduwd of aan de staart getrokken.
We zien hoe een jong kind van een werknemer een dagje mee varkens mag slaan in het slachthuis. Varkens die dood aangetroffen worden in de vrachtwagens worden als afval in kadaverbakken gegooid. Bij het opjagen van de varkens naar de wachthokken ontstaan opstoppingen waarbij dieren tegen elkaar aan botsen en op elkaar springen. De opstoppingen worden ‘opgelost’ door op de varkens in te slaan. Varkens gillen het uit wanneer werknemers aan hun oren trekken bij het nakijken van oormerken.

Vergassen, elektrocuten, doodbloeden
Vergassen of elektrocuteren
Volgens de Europese regelgeving (VERORDENING (EG) Nr. 1099/2009) moeten dieren bedwelmd (verdoofd) worden voordat ze geslacht worden.[18] Bedwelmen betekent dat de dieren in een staat van bewusteloosheid en gevoelloosheid worden gebracht. In Nederlandse slachthuizen worden voor varkens in principe twee methodes gebruikt, namelijk elektrische bedwelming of bedwelming met CO2-gas.
Bedwelming van varkens in geautomatiseerde elektrische verdovingsinstallaties veroorzaakt veel stress en angst bij het opdrijven en fixeren voor de daadwerkelijke verdovingshandeling. Vanuit de wachthokken worden varkens in een groep naar de verdovingsinstallatie gedreven. Bij de installatie aangekomen, moeten de dieren uit de groep gehaald worden en op een rij achter elkaar gefixeerd worden. Omdat varkens groepsdieren zijn, is dit voor hen een zeer onnatuurlijke en stresserende situatie. Door de moeilijkheden bij het drijven en fixeren van de dieren, kan de totale periode van stress in het proces van elektrisch verdoven 60 tot 120 seconden duren. Als de varkens gefixeerd zijn, rollen ze via een transportband de installatie in. Daar krijgen ze elektroden tegen hun hoofd geduwd om elektrische stroom door de hersenen te leiden. Dit lokt een epileptische aanval uit waardoor het dier in een staat van bewusteloosheid en gevoelloosheid raakt. In de praktijk kan het voorkomen, zeker met de huidige hoge slachtsnelheid, dat de elektroden niet correct geplaatst worden wat pijnlijke elektrische schokken en brandplekken veroorzaakt.[19] Naast ernstige welzijnsproblemen voor de dieren, leidt elektrische verdoving tot slechtere vleeskwaliteit, zoals bloedingen in het vlees.[20]
De meeste grote varkensslachterijen maken gebruik van een vergassingsinstallatie om varkens te bedwelmen voor de slacht. De varkens worden in groepjes van gemiddeld een achttal individuen in een gaslift geplaatst. De gaslift zakt vervolgens met de dieren in een put die gevuld is met een hoge concentratie van CO2-gas. Volgens regelgeving moet een concentratie van minstens 80% CO2 gebruikt worden, maar in Nederland gebruiken de slachthuizen doorgaans concentraties van 90%. In proeven van WUR werd wetenschappelijk onderzocht hoelang het duurt voordat varkens in een gasinstallatie het bewustzijn verliezen. Hiertoe werd de hersenactiviteit van de dieren gemeten door middel van EEG-onderzoek. Bij een gasconcentratie van 95% duurde het 20 seconden voordat de varkens bewusteloos raakten, bij een concentratie van 85% werd tot 32 seconden lang hersenactiviteit vastgesteld.[21]
Het gebruik van hoge CO2-concentraties is omstreden. Volgens EFSA (European Food Safety Authority) zijn CO2-concentraties boven 30% al aversief (een varken probeert het te vermijden), en veroorzaakt het hyperventilatie en pijnlijke irritatie van de slijmvliezen voordat bewusteloosheid intreedt.[22] Dierenarts Hans Nieuwendijk nam de proef op de som door zelf hoge concentraties CO2-gas in te ademen en beschrijft het als volgt: “Het geeft een branderig gevoel, alsof er een liter cola door je neus naar binnen wordt geperst.”.[23] Dierenarts en bedwelmingsexpert Reinder Hoenderken onderzocht al in 1979 CO2-bedwelming door een varken in een doorzichtige plexiglas box met 80% CO2 te takelen. Collega’s en bestuurders die toekeken schrokken zo van wat ze zagen dat CO2-bedwelming in 1981 verboden werd in Nederland.[24] Door het van kracht worden van EU-regelgeving is het sinds 1993 echter weer toegestaan. Bij de opstelling van actuelere Europese regelgeving (VERORDENING (EG) Nr. 1099/2009) adviseerde EFSA de Europese Unie om het gebruik van CO2-gas uit te bannen omwille van de ernstige aantasting van het dierenwelzijn. De aanbeveling werd echter niet opgenomen in de verordening omdat er economische belangen mee gemoeid zijn.[25]
Het undercoveronderzoek bij Westfort toont hoe gasbedwelming verloopt. De varkens worden vanuit de wachthokken hardhandig naar de vergassingsinstallatie geslagen. Automatisch verschuivende wanden duwen de dieren een gaslift in, wat gepaard gaat met angst en stress. Met een camera die in de gaslift werd geplaatst, zijn beelden gemaakt van de vergassing. We zien hoe de dieren bij het neerdalen in de gasput verstikkingsverschijnselen vertonen. Het duurt secondenlang voordat alle varkens bewegingloos zijn. De gaslift brengt de vergaste dieren weer naar boven waar ze op een lopende band terechtkomen die hen naar de slachtlijn voert.
Elektronarcose-tang en penschiettoestel
Naast bedwelming in geautomatiseerde elektrische installaties en vergassingsinstallaties wordt in slachthuizen ook gebruikgemaakt van elektronarcose-tangen en penschiettoestellen. Deze draagbare bedwelmingsapparaten worden gebruikt voor varkens die bij aankomst in het slachthuis een ‘noodslachting’ moeten ondergaan. Dit is het geval voor dieren die niet in staat zijn om zelfstandig en pijnloos te lopen, bijvoorbeeld omwille van ernstige kreupelheid. Deze dieren worden na het uitladen gedood met een elektronarcose-tang. De tang wordt eerst tegen de kop geplaatst om het dier te bedwelmen. Vervolgens wordt de tang tegen het hart geplaatst, wat de dood veroorzaakt.
Een andere methode om noodslachtingen uit te voeren is het penschiettoestel. Een penschiettoestel heeft een pen die door de schedel en de hersenen van een dier wordt geschoten. Na het schot schuift de pen terug in de loop van het pistool. De klap op de schedel veroorzaakt een hersenschudding, die zorgt voor een onmiddellijke bewusteloosheid en gevoelloosheid, mits daarbij voldoende kinetische energie wordt overgebracht. Daarnaast veroorzaakt de pen schade in de hersenen waardoor de bewusteloosheid in stand blijft, onder voorwaarde dat de omvang van de beschadiging voldoende groot is.
Vergeleken met andere diersoorten is het relatief lastig om varkens te bedwelmen met het penschiettoestel. De hersenen liggen vrij diep in de kop en er bevinden zich sinussen tussen voorhoofd en hersenen, wat de bedwelming bemoeilijkt. Als blijkt dat een penschot niet effectief is, moet opnieuw geschoten worden, wat extra lijden inhoudt voor het dier. Na het schot wordt de keel open gestoken om het dier te laten doodbloeden.[26] Op de undercoverbeelden van Westfort zijn varkens te zien die bij het uitladen gedood worden met een elektronarcose-tang. Daarbij is soms ook rook te zien, wat erop wijst dat de huid van het dier verbrandt. Het elektrocuteren met de tang lukt niet altijd de eerste keer. Vaak gebeurt het elektrocuteren van dieren in het zicht van andere varkens, of moeten varkens over geëlektrocuteerde soortgenoten heen stappen. Er zijn ook beelden van het schieten van varkens met een penschiettoestel. Een varken wordt geschoten en blijft minutenlang spartelen terwijl zij doodbloedt. Bij een ander varken blijft het schiettoestel in de schedel van het dier vastzitten. Het verwijderen van het toestel gaat gepaard met trekken en schoppen tegen het hoofd van het dier.
(On)bedwelmd doodbloeden
Na het toedienen van de bedwelming worden de varkens met een ketting rond de achterpoot opgetakeld. Via een railsysteem worden de dieren naar de slachters gevoerd om gestoken te worden, wat betekent dat de halsslagaders doorgesneden worden. Vervolgens moet het dier uitbloeden tot de dood intreedt. Na het uitbloeden worden de varkens via het railsysteem naar een heet waterbad gevoerd. Het waterbad heeft een temperatuur van 60 graden en dient om de haren van de varkens los te weken zodat ze makkelijker verwijderd kunnen worden. De gangbare bedwelmingsmethoden in de slachthuizen kunnen niet garanderen dat dieren tijdens het volledige slachtproces bewusteloos blijven. CO2-vergassing is een reversibele methode. Het leidt niet rechtstreeks tot de dood, wat betekent dat de dieren terug bij bewustzijn kunnen komen. De effectiviteit van CO2-bedwelming wordt bepaald door 5 cruciale parameters, namelijk de CO2-concentraties, de kwaliteit van het gas, de temperatuur van het gas, de duur van de blootstelling, en het maximale tijdsinterval tussen bedwelmen en steken.[27] Onvoorziene storingen aan de slachtlijn kunnen ertoe leiden dat het tijdsinterval tussen vergassen en steken te hoog oploopt waardoor de bedwelming is uitgewerkt voordat de dieren doodgebloed zijn. Andere aspecten die kunnen leiden tot onvoldoende bedwelming zijn teveel varkens in een gondel waardoor er onvoldoende ruimte is om (voldoende) diep adem te halen en varkens te weinig CO2 binnenkrijgen, en onvoldoende onderhoud aan de installatie waardoor de CO2-concentratie te laag is. Vaak is de installatie wel voorzien van een alarm, maar dit wordt afgesteld op het wettelijk minimum van 80%, terwijl dit een langere verblijftijd vereist dan bij de hogere concentraties (90%) die de Nederlandse slachthuizen normaal gesproken toepassen.[28]
Ook elektrische verdoving houdt risico’s op onverdoofd slachten in. Slechte plaatsing van elektroden leidt tot ineffectieve bedwelming. Bij correcte plaatsing wordt hartfibrillatie en hartstilstand geïnduceerd, maar tijdens het ophangen van de dieren aan de slachtlijn kan het voorkomen dat het hart vanzelf reanimeert en het dier terug bij bewustzijn komt.[29]
Omwille van de gekende risico’s vereist Europese regelgeving (VERORDENING (EG) Nr. 1099/2009) dat er controles worden uitgevoerd op effectieve bedwelming van de dieren. Indien uit de controle blijkt dat een dier tekenen van bewustzijn vertoont (zoals bijvoorbeeld ritmische ademhaling, cornea reflex of ooglidreflex), moet ingegrepen worden door middel van het toedienen van een back-up verdoving (bijvoorbeeld met een elektronarcose-tang). De controles op effectieve bedwelming aan de slachtlijn zijn echter maar verplicht voor ‘een representatieve steekproef van de dieren.’ Naar aanleiding van undercoverbeelden in België (Exportslachthuis Tielt, 2017) heeft RTL in 2018 NVWA inspectierapporten van Nederlandse slachthuizen opgevraagd. Tot zestien keer toe stelden inspecteurs vast dat het doorsnijden van de halsslagaders slecht was uitgevoerd, waardoor de dieren niet doodgebloed waren. Meerdere varkens kwamen levend en bij bewustzijn in het hete waterbad terecht, waar zij een pijnlijke verdrinkingsdood stierven.[30]
Het undercoveronderzoek bij Westfort toont hoe opgetakelde varkens gestoken worden en uitbloeden. Op de beelden zijn varkens te zien die niet effectief bedwelmd zijn tijdens het uitbloeden. We zien hoe een varken dat gestoken werd, bewegingen maakt met de bek en vervolgens heftig begint te spartelen. Een ander varken wordt verderop aan de slachtlijn geëlektrocuteerd met een elektronarcose-tang omdat het dier bij bewustzijn hing uit te bloeden.

Zieke en gewonde varkens
Europese regelgeving (VERORDENING (EG) Nr. 1/2005) verbiedt het vervoer van 'dieren die niet in staat zijn zich op eigen kracht pijnloos te bewegen of zonder hulp te lopen, en dieren die ernstige open wonden of prolapsen vertonen'[31]. Omwille van welzijnsredenen dienen ernstig kreupele, zieke en gewonde dieren op het veebedrijf behandeld of gedood te worden, omdat het vervoer naar een slachthuis hen extra lijden zou berokkenen.
Kreupelheid komt regelmatig voor in de varkenshouderij. Van alle dode vleesvarkens die voor onderzoek worden ingezonden bij de GD (Gezondheidsdienst voor Dieren) heeft rond de 10 % bewegingsproblemen. Veel voorkomende oorzaken van kreupelheid zijn gewrichts- en hersenvliesontstekingen, vaak door streptokokkeninfecties. Deze ziekteverwekkers geven gewrichtsontstekingen, soms aan meer dan één gewricht tegelijk. Steeds vaker wordt ook osteochondrose vastgesteld bij vleesvarkens, een gewrichtsaandoening die ontstaat wanneer tijdens de groei de botopbouw uit kraakbeen wordt verstoord.[32] Osteochondrose komt vooral voor bij snelgroeiende vleesrijke rassen: het kraakbeen kan de groei van het varken dan letterlijk niet bijbenen en er ontstaan defecten in de gewrichten.[33] Bewegingsaandoeningen kunnen pijnlijk zijn, waardoor het dier abnormaal gaat lopen of zelfs niet meer in staat is overeind te blijven staan.[34]
Staartbijtwonden zijn een veelvoorkomend gedragsprobleem bij vleesvarkens als gevolg van stress in de varkensbedrijven. De wonden kunnen ernstig infecteren waarbij necrose (afsterven van weefsels) kan optreden. Staartbijtwonden kunnen gepaard gaan met abcessen die zich langs de ruggengraat en in de wervelkolom verspreiden, wat pas zichtbaar wordt na het slachten.[35] WUR schat dat staartbijtwonden voorkomen bij gemiddeld 2,12% van de gespeende biggen en vleesvarkens. In de praktijk bestaat er echter veel variatie tussen bedrijven met betrekking tot het percentage staartwonden. Uit onderzoek bleek dat ongeveer de helft van de varkenshouders aangaf geen varkens met staartbijtwonden op hun bedrijf te hebben. Dit betekent dat op bedrijven die wél staartbijtproblemen hebben het gemiddelde percentage op ongeveer 4,25% ligt, waarbij er ook bedrijven zijn die aangeven dat meer dan 20% van hun dieren staartbijtwonden heeft.[36]
Prolapsen zijn organen die uit het lichaam puilen, dit kunnen zowel darmen, blaas, vagina als baarmoeder zijn. De uitstulpende organen kunnen gemakkelijk beschadigd raken waardoor zij pijn veroorzaken en hevig gaan bloeden.[37] Rectumprolaps komt het meest voor bij opgroeiende biggen en vleesvarkens. In de literatuur worden verschillen in optreden genoemd van 0,7-15% per koppel. Het gaat om uitstulpingen van de darmen, wat veroorzaakt kan worden door slecht voer en drinkwater, slechte huisvesting en stalklimaat of door ziektekundige oorzaken zoals hoesten, darmontstekingen door bacteriën, virussen en wormen, of ontsteking van blaas, urineleiders en vagina. Rectumprolapsen kunnen ook gerelateerd zijn aan erfelijke gevoeligheid, te laag geboortegewicht en het te kort couperen van staarten. Vagina-, blaas- en baarmoederprolapsen komen meer voor bij zeugen (0,5 tot 1%) en zijn veelal gerelateerd aan aspecten van de voortplanting zoals bijvoorbeeld extra buikinhoud bij drachtige zeugen, te heftig persen als gevolg van te zware biggen of verkeerde ligging van biggen, of irritatie en ontsteking van de vagina na het toepassen van ondeskundige geboortehulp of als gevolg van inseminatie[38]. Navelbreuken zijn uitzakkingen van de darm of buikvliesplooi ter hoogte van de navel, en kunnen zodanig groot zijn dat ze over de grond slepen, wat leidt tot ontstekingen van het huidweefsel en moeilijkheden voor het dier om zich pijnloos voort te bewegen. De inhoud van een navelbreuk bestaat uit darmen en buikinhoud, of het kan ook gaan om een abces met pus.[39] Lies- en navelbreuken komen gemiddeld 1,7-6,7% voor bij varkens. Vanwege het genetische aspect van de aandoening kan dit oplopen tot boven de 10% bij nakomelingen van bepaalde beren/zeugen.[40] Volgens de recentste kwartaalrapportage (eerste kwartaal 2019) van Vion (de grootste varkensslachter van Nederland) kreeg 0,72% van de aangevoerde dieren bij aankomst op de slachterij een opmerking tijdens de keuring, ofwel 13.335 dieren op een totaal van 1.852.078 varkens per kwartaal. 20% van de opmerkingen betrof varkens met pootproblemen (2.667 dieren).[41] Andere slachterijen maken keuringsresultaten niet openbaar.
Recentelijk bleek uit gegevens van Belgische en Duitse instanties dat tientallen keren per jaar ernstig zieke dieren worden geëxporteerd naar slachthuizen in België en Duitsland. Medewerkers van de NVWA die hier toezicht op horen te houden, geven toe dat de controles weinig voorstellen met betrekking tot exportbelangen.[42]
Het undercoveronderzoek toont aan hoe ook bij Westfort zieke varkens aangevoerd worden. Op de beelden zien we varkens met ontstoken staartbijtwonden, ernstig kreupele dieren, grote abcessen, ontstoken vaccinatiebulten en open huidwonden. Ook zijn grote navelbreuken en opengebroken navelbreuken gefilmd, waarbij de darmen naar buiten hangen. Het gaat om aandoeningen die niet kunnen ontstaan tijdens het transport, maar reeds geruime tijd aanwezig waren op het veebedrijf (gezien de gevorderde staat van de aandoeningen).
De varkens met gezondheidsproblemen worden bij aankomst van de anderen gescheiden en ondergebracht in een ‘risico-hok’. Dit hok is naast de loskades, waar veel omgevingslawaai en beweging is. In het risico-hok zitten dieren samen uit verschillende transporten. Gedurende de dag worden herhaaldelijk nieuwe dieren bijgeplaatst, wat onrust veroorzaakt. We zien hoe varkens langdurig vechten en hoe een zeug gestrest raakt wanneer ze lastiggevallen wordt door een beer. De dieren moeten urenlang in het risico-hok verblijven. Ze worden aan het eind van de werkdag geslacht (na de gezonde varkens) om te voorkomen dat pus of darminhoud uit navelbreuken de slachtlijn bevuilt. Wanneer het moment van slacht aanbreekt, wordt de groep gescheiden: varkens met abcessen en navelbreuken zijn eerst aan de beurt, dieren met staartbijtwonden komen als allerlaatste (omwille van het hoogste risico op bevuiling van de slachtlijn). Het scheiden van de dieren gaat met veel slaan gepaard.

Keurmerken
Naast gangbare IKB-varkens (varkens die gefokt en geslacht worden volgens de minimale wettelijke normen), worden bij Westfort ook varkens geslacht voor de concepten KDV (Keten Duurzaam Varkensvlees) en KDV+ (Antibioticavrij Leven Garantie), EKO (biologisch varkensvlees) en Beter Leven (het keurmerk van de Dierenbescherming).[43] Op het gebied van dierenwelzijnsaspecten tijdens het slachtproces wijken de criteria van de diverse concepten niet of nauwelijks af van de standaard wetgeving. KDV, een samenwerking tussen slachterij Westfort, varkenshouders en retailers, onderscheidt zich door wat extra comfort in de wachthokken van het slachthuis, zoals vloerverwarming. De controle op de naleving van KDV-criteria in het slachthuis gebeurt door de eigen QUESH-afdeling (Quality, Health, Safety and Environment) van Westfort.[44] Antibioticavrij Leven Garantie of KDV+ is een premium keurmerk van KDV[45] en beantwoordt op het gebied van slachterij aan dezelfde normen als KDV. Varkensvlees van KDV wordt onder meer verkocht bij de supermarktketens COOP, MCD en POIESZ.[46] Varkens voor KDV-varkensvlees worden uitsluitend geslacht bij Westfort.
Voor ‘Beter Leven’ varkensvlees werkt de Dierenbescherming samen met meerdere slachthuizen, waaronder Westfort. Beter Leven varkensvlees is te koop in diverse Nederlandse supermarkten (Albert Heijn, Jumbo, Lidl, Aldi…). De criteria van Beter Leven op gebied van de slachterij volgen grotendeels de wettelijke standaardnormen, aangevuld met onder andere een verbod op het gebruik van elektrische prikkelaars en een verbod om dieren afkomstig van verschillende transporten samen onder te brengen in een wachthok. Er worden geen Beter Leven certificaten uitgereikt aan slachterijen waar naast reguliere slacht ook onverdoofde (rituele) slachtingen plaatsvinden (wat nooit van toepassing is op varkensslachterijen).[47] Controles in het kader van het Beter Leven keurmerk worden uitgevoerd door Certificatie Instellingen die geaccrediteerd zijn door de Raad voor Accreditatie. Wanneer bij de controle geen afwijkingen zijn geconstateerd, wordt het Beter Leven certificaat afgegeven voor de duur van een jaar.[48]
Het EKO-keurmerk staat voor biologische productie, wat gecontroleerd wordt door Skal Biocontrole. In de regelgeving over biologische productie zijn geen criteria opgenomen met betrekking tot het slachtproces van dieren.[49] Vlees van biologische varkens die geslacht worden bij Westfort in IJsselstein, wordt verwerkt in Westforts biologische vleeswarenfabriek te Hedel (Deli Harmony). Deli Harmony brengt het bio-varkensvlees op de markt onder het consumentenmerk ‘St. Hendrick’[50] wat te koop is bij onder andere supermarktketen Ekoplaza.[51]
De praktijken die in slachthuis Westfort undercover gefilmd werden, beantwoorden niet aan het diervriendelijke imago dat keurmerken graag willen uitstralen. Varkens worden geslagen met opdrijfmiddelen of beetgepakt aan gevoelige lichaamsdelen zoals de oren. Het opgejaagd worden en de confrontatie met de onbekende omgeving van het slachthuis (die in niets lijkt op een natuurlijke omgeving waar varkens zich prettig voelen) veroorzaakt stress en angst. In wezen worden alle varkens in Westfort en in slachthuizen in het algemeen op dezelfde wijze bedwelmd en geslacht, volgens methoden die vastgelegd zijn in VERORDENING (EG) Nr. 1099/2009 inzake de bescherming van dieren bij het doden. Het slachten van dieren voor vleesconsumptie gaat inherent gepaard met dierenleed, ongeacht het keurmerk.
Wat kun je doen?
Deel dit onderzoek
Deel dit onderzoek met je omgeving.
Bronnen
49 bronnen
- 1
M.B.M. Bracke (2010) Zoelen van varkens en implicaties voor dierenwelzijn. Wageningen UR Livestock Research. Rapport 381. ISSN 1570 – 8616; p6.
- 2
Wageningen University & Research. Varkens - Genomische ontwikkeling. wur.nl/nl/artikel/Varkens-1.htm
Origineel niet meer bereikbaar (gecontroleerd 2026-09-09)Gearchiveerd
- 3
Reimert, Inonge (2014) (Em)pathetic pigs? The impact of social interactions on welfare, health and productivity. PhD thesis, Wageningen University. ISBN: 978-94-6173-996-4.
- 4
P.Keller (2013). Vocalisatie bij het Varken. UGent Faculteit Diergeneeskunde; p6.
- 5
Marino & Colvin (2015). Thinking Pigs: A Comparative Review of Cognition, Emotion, and Personality in Sus domesticus. International Journal of comparativ psychology; p28.
- 6
M. Root-Bernstein (2019) Context-specific tool use by Sus cebifrons. Mammalian biology, volume 98. sciencedirect.com/science...abs/pii/S1616504719300333
- 7
RDA. Natuurlijk gedrag van Varkens. Advies RDA 2006/5; p19-30.
- 8
Dierengezondheidszorg Vlaanderen 2019. Salmonella - afleveren slachtrijpe varkens. dgz.be/salmonella-afleveren-slachtrijpe-varkens
- 9
Pork Information Gateway (2019) - Handling Pigs
- 10
Wageningen UR Livestock Research. Jaarrapportage onderzoek Animal Welfare Check Points 2013; p12.
- 11
NVWA 2018 - Nationaal plan voor veetransport bij extreme temperaturen 2018
- 13
Dierengezondheidszorg Vlaanderen 2019. Hoe bezorgt u varkens meer comfort bij hitte? dgz.be/nieuwsbericht/hoe-...comfort-bij-extreme-hitte
- 14
T. Grandin (1997). Assessment of Stress During Handling and Transport. Journal of Animal Science volume 75: 249-257.
- 15
F. Leenstra et al (2011). Ongerief bij rundvee, varkens, pluimvee, nertsen en paarden. Wageningen UR Livestock Research. Rapport 456. ISSN 1570 – 8616; p18.
- 16
Barington et al (2016). Gross and histopathological evaluation of human inflicted bruises in danish slaughter pigs. BMC Veterinary Research.
- 17
Wageningen UR Livestock Research. Eindrapport Animal Welfare Check Points 2014; p13.
- 18
VERORDENING (EG) Nr. 1099-2009 inzake de bescherming van dieren bij het doden. eur-lex.europa.eu/LexUriS...2009:303:0001:0030:NL:PDF
- 19
Gerritzen en Reimert (2019). Verbeteren dierenwelzijn tijdens CO2 verdoven van slachtvarkens. Wageningen Livestock Research, Rapport 1181; p8.
- 20
N. Baudoin (2015) U Gent, Is er nog toekomst voor elektrische verdoving bij varkens en pluimvee; p9-10.
- 21
Gerritzen en Reimert (2019). Verbeteren dierenwelzijn tijdens CO2 verdoven van slachtvarkens. Wageningen Livestock Research, Rapport 1181; p19.
- 22
EFSA (2004) Welfare aspects of the main systems of stunning and killing the main commercial species of animals. The EFSA Journal 45; p101.
- 23
NRC 2011. Alsof die gewone slacht zo diervriendelijk is. nrc.nl/nieuws/2011/12/13/...elijk-is-12131267-a281856
- 24
Trouw 2009. Doet de pijnbestrijding pijn? trouw.nl/nieuws/doet-de-p...3A%2F%2Fwww.google.com%2F
- 25
VERORDENING (EG) Nr. 1099-2009 inzake de bescherming van dieren bij het doden; Inleidende tekst punt 6. eur-lex.europa.eu/LexUriS...2009:303:0001:0030:NL:PDF
- 26
NVWA Toezicht op welzijn van hoefdieren en gekweekt wild in slachthuizen WLZVL-017+v1; p11-14.
- 27
VERORDENING (EG) Nr. 1099/2009 inzake de bescherming van dieren bij het doden (bijlage 1, hoofdstuk 1). eur-lex.europa.eu/LexUriS...2009:303:0001:0030:NL:PDF
- 28
Atkinson, S. (2016) Assessment of cattle and pig welfare at stunning in commercial abattoirs. Doctoral Thesis Swedish University of Agricultural Sciences, Uppsala; p38.
- 29
N. Baudoin (2015), U Gent. Is er nog toekomst voor elektrische verdoving bij varkens en pluimvee? (p 9-10)
- 30
RTL 2018. Dieren levend gekookt en gevild in Nederlandse slachthuizen. rtlz.nl/algemeen/artikel/...-nederlandse-slachthuizen
- 31
VERORDENING (EG) Nr. 1/2005 inzake de bescherming van dieren tijdens het vervoer; Bijlage I, hoofdstuk 1.
- 32
T. Geudeke. Kreupele varkens: infectie of iets anders? Varken 2016 edepot.wur.nl/402860
- 33
Osteochondrose verdient aandacht. Pig business 2016. edepot.wur.nl/370234
- 34
Praktische richtsnoeren voor het bepalen van de geschiktheid voor vervoer van varkens; p15.
- 35
Praktische richtsnoeren voor het bepalen van de geschiktheid voor vervoer van varkens; p27.
- 36
J.J. Zonderland et al (2011). Financiële consequenties van staartbijten bij Varkens. Wageningen UR Livestock Research. Rapport 543. ISSN 1570 – 8616; p14.
- 37
Praktische richtsnoeren voor het bepalen van de geschiktheid voor vervoer van varkens; p17
- 38
F. Bouwkamp. Prolapsen: uitstulpingen van einddarm, vagina, baarmoeder of blaas.
- 39
Praktische richtsnoeren voor het bepalen van de geschiktheid voor vervoer van varkens; p25.
- 40
A. Stinckens (2011). Aangeboren genetische afwijkingen bij biggen. KU Leuven.
- 41
Vion keuringsresultaten, eerste kwartaal 2019. vion-transparantie.nl/keu...ankomst-in-de-slachterij/
Origineel niet meer bereikbaar (gecontroleerd 2026-09-09)Gearchiveerd
- 42
RTL 2019, Dierenartsen NVWA laten export ernstig zieke dieren naar slachthuizen in België en Duitsland toe. rtlnieuws.nl/nieuws/artik...-ernstig-zieke-dieren-toe
- 43
Westfort. Onderscheidend varkensvlees, concepten. westfort.nl/varkensvlees/
- 44
Criteria KDV. Huidig gepubliceerde versie, juli 2019
- 45
KDV introduceert antibioticavrij varkensvlees. Pig Business 2016. pigbusiness.nl/artikel/22...oticavrij-leven-garantie/
- 47
Criteria Beter Leven. Slachterij varken, huidig gepubliceerde versie, geldig vanaf 2018.
- 48
Certificatie Beter leven. beterleven.dierenbescherm...s/certificatie-instelling
- 49
Criteria biologisch vlees. skal.nl/veehouderij/
- 50
- 51
Origineel niet meer bereikbaar (gecontroleerd 2026-09-09)Gearchiveerd
Verder onderzoek
Andere onderzoeken naar dezelfde dieren en dezelfde industrie.
Grootschalige misleiding Beter Leven-keurmerkOnderzoeksgroep Ongehoord heeft bij de Reclame Code Commissie een klacht ingediend tegen reclames voor Beter Leven producten. Volgens Ongehoord liegt de Dierenbescherming over het dierenwelzijn in boerderijen met het keurmerk. Zo hebben de meeste Beter Leven vleeskuikens geen uitloop en krijgen mega-stallen via een administratieve truc toch het keurmerk.
Varkens met geweld opgedreven voor transportIn Reusel (Noord-Brabant) plaatste onderzoeksgroep Ongehoord een camera bij de verzamelplaats van Vee- en Varkenshandel C. van Roij. Hier worden dieren verzameld van verschillende fokkerijen, om daarna naar het slachthuis gebracht te worden. Hoewel de organisatie slechts enkele dagen filmde op de locatie, legden zij verschillende misstanden vast.
Verborgen misstanden in zichtstal HoubensteynVarkens met wonden, abcessen, luchtwegproblemen, dode varkens en vervuilde hokken. Het is te zien in het onderzoek naar Beter Leven stal Houbensteyn in Ysselsteyn, Limburg. Met bijna honderdduizend varkens en 15 miljoen subsidie is eigenaar Martin Houben een grote speler. De onderzochte locatie heeft een zichtstal, bezoekers kunnen een klein deel van de varkens bekijken. Toen het onderzoeksteam andere delen van het bedrijf bezocht, troffen ze de misstanden aan.