Ga naar hoofdinhoud
Gestoord gedrag, uitval en ziekten

Gestoord gedrag, uitval en ziekten

Kippen in de moderne veehouderij vertonen vaak abnormaal gedrag als gevolg van stress en waarschijnlijk door het opgroeien zonder moeder.

Zo is “zacht verenpikken” natuurlijk sociaal gedrag van kippen, maar het zachte verenpikken kan doorslaan naar intensiever pikken en dat kan leiden tot het beschadigen en uittrekken van veren. Hierdoor ontstaan kale plekken, het pikken gaat door op de huid van de kip (kannibalistisch pikken) en veroorzaakt wonden. Bloed zorgt voor nog intensiever pikken en kan overgaan in kannibalisme. Dit is het laatste stadium van verenpikken en heeft vaak de dood tot gevolg. . In de natuur komt dit verenpikken niet voor, maar ook wilde kippen vertonen verenpikken wanneer ze in gevangenschap worden gehouden, waarmee de hoofdoorzaak stress lijkt te zijn.

Verenpikken is een lastig en hardnekkig gedragsprobleem dat grote welzijnsproblemen veroorzaakt. Met name wanneer kippen loslopen in groepen en de snavels niet geknipt zijn, is dit een probleem. Bij loslopende kippen kan het verenpikken minder goed door de boer in de gaten worden gehouden. Daarnaast richten niet gekapte snavels meer schade aan dan gekapte snavels.

Verenpikken wordt beïnvloed door verschillende factoren. . Ook genetische aspecten spelen hierin een rol. Helaas is veel onderzoek naar het voorkomen van verenpikken vooral gericht op de economische schade van verenpikken en veel minder op het welzijn van de hen.

Zoals we hebben gezien, groeien kuikens op zonder moeder. Ze komen uit het ei in een broedmachine en groeien daarna op met andere kuikens. Ook al zijn kippen al heel snel zelfstandig wanneer ze uit het ei komen, hun moeder leert hen waar ze naar moeten pikken, wanneer ze moeten rusten en hoe ze zich moeten gedragen. .

Strooisel en ander afleidingsmateriaal helpt om verenpikken te verminderen, maar is niet afdoende. Kippen van bijvoorbeeld biologische boeren, die naast strooisel ook een vrije uitloop naar buiten hebben, vertonen toch verenpikken.

Kippen pikken meer agressief naar onbekende kippen dan naar bekende kippen. Echter, bij groepen die groot genoeg zijn, neemt het pikken vaak ook weer af. Dit komt waarschijnlijk doordat er zoveel onbekende kippen zijn, dat het ondoenlijk is om alle “concurrenten” weg te jagen.

. Sinds 2015 mag het verkorten alleen gebeuren met infraroodstraling, waarbij zoveel hitte wordt gegenereerd dat het snavelweefsel binnen een paar weken afsterft en het snavelpuntje eraf valt.

. Echter, snavelpikken blijft tot nu toe welzijnsprobleem nummer 1 bij leghennen. De vraag is dus of met het verbod op snavelkappen niet het ene welzijnsprobleem wordt opgelost, en het andere welzijnsprobleem wordt verergerd.

Uitval en ziektes

Dit had met name te maken met het aantal ziektes die toenamen door het dicht op elkaar houden van zoveel hennen. Alleen door allerlei (kunst)ingrepen, zoals bijvoorbeeld vaccineren, kon de uitval weer naar beneden worden gebracht. Ook het houden van hennen in kooien (legbatterijen) kwam hieruit voort; er was nu veel minder contact met soortgenoten en de kippen werden gescheiden van hun eigen uitwerpselen. Nu de legbatterijen zijn afgeschaft, komen sommige van deze problemen weer terug.

Over het algemeen volgt het uitvalpercentage gedurende de legperiode een duidelijke trend. De periode wanneer een koppel leghennen in een stal wordt geplaatst, is zeer stressvol. Zo kunnen kippen elkaar dooddrukken, gaan ze verenpikken of sterven ze langzaam omdat ze het water en/of voedsel niet kunnen vinden in de nieuwe stal. Nadat de kippen gewend zijn aan de nieuwe omgeving, is de uitval van 30 tot 50 weken vrijwel stabiel en relatief laag (tot ongeveer 2%).

De eileider is een soort trechter die de eicel opvangt wanneer deze vrijkomt uit de eierstok. Bij legkippen kan dit regelmatig of zelfs permanent misgaan, waardoor de eicel in de buikholte terechtkomt in plaats van in de eileider. De niet ontwikkelde eieren kunnen hier ophopen en ontsteken en uiteindelijk tot de dood leiden.

Anderzijds zijn leghennenstallen ideale broedplaatsen voor ziektes door de vele dieren die bij elkaar zitten, de zo goed als constante en relatief hoge temperatuur het hele jaar door, vochtige en donkere plekken en contact met eigen uitwerpselen (mest).

Bloedluis of vogelmijt

Inmiddels bekend en berucht vanwege het fipronil schandaal, waarbij ruim 2,5 miljoen gezonde kippen zijn geruimd, is de bloedluis. De bloedluis is eigenlijk een verkeerde naam, want de “luis” is namelijk een mijt; de vogelmijt. Dit is de meest voorkomende parasiet bij leghennen in Europa. In Nederland is 94% van de pluimveebedrijven besmet met de mijt en op één kip kunnen wel 50.000 tot 500.000 mijten voorkomen. De vogelmijt kan daarbij ook nog eens virussen en bacteriën verspreiden.

Ook worden er minder eieren en eieren van een slechtere kwaliteit gelegd.

De vogelmijt gedijt dus erg goed onder de zeer onnatuurlijke omstandigheden waarin leghennen worden gehouden.

E.coli

Een infectie met de bacterie Escherichia coli (E. coli) is een van de belangrijkste oorzaken van uitval [source title="21"]. Meestal betreft het een specifiek type E. coli, ook wel aangeduid als APEC (Avian Pathogenic E. coli), en wordt deze ziekte colibacillose genoemd.

E. coli groeit het liefst bij een temperatuur van 18-44°C en het stalklimaat is daarom ideaal met een constante temperatuur van ongeveer 20°C.

Vogelgriep

Vogelgriep is waarschijnlijk voor de meeste mensen de bekendste kippenziekte omdat dit regelmatig in het nieuws is vanwege de vele ruimingen. Vogelgriep kent twee varianten, de milde variant (laagpathogeen) en de gevaarlijke variant (hoogpathogeen). Deze laatste wordt ook wel vogelpest genoemd. Dieren die de milde variant hebben, vertonen nauwelijks ziekteverschijnselen. Toch worden ook deze leghennen geruimd, omdat de milde variant over kan gaan naar de gevaarlijke vorm. In zeldzame gevallen kunnen bepaalde typen vogelgriep ook mensen besmetten.

In 2003 werd maar liefst een derde van de hele pluimveestapel vernietigd in verband met vogelgriep. Dertig miljoen dieren werden met stroomstoten of door vergassing omgebracht. Het betrof destijds de H7N7-variant, waar ook 89 mensen mee werden besmet. Een van hen overleefde dat niet. In 2016 zijn meer dan 1 miljoen leghennen geruimd vanwege een H5N8-variant om verspreiding naar andere bedrijven tegen te gaan. In dat jaar vond de langste ophokplicht (kippen verplicht binnenhouden) ooit in Nederland plaats, namelijk 5 maanden. Er was geen besmetting naar mensen toe bij deze variant.

In december 2017 is er opnieuw vogelgriep vastgesteld op een vleeseendenbedrijf en worden 16.000 eenden “geruimd”. Omdat het vermoedelijk een hoogpathogene H5-variant betreft, is er een landelijke ophokplicht uitgeroepen.

. Vaak worden wilde (trek)vogels zoals eenden en ganzen als schuldigen aangewezen en zouden zij de ziekte overbrengen naar de leghennen. .

.

Ook bij deze ziekte zorgen de onnatuurlijke omstandigheden waaronder de kippen worden gehouden ervoor dat het virus goed kan gedijen; een combinatie van lage weerstand, een hoge dichtheid aan kippen en een ideaal stalklimaat voor het virus (vochtig, donker, warm).

Borstbeen afwijkingen

.

. . . . Wanneer een hen op een zitstok zit, steunt namelijk twee derde van haar gewicht op het borstbeen.

. .

Botontkalking

. Doordat er calcium voor de eierschaal aan de botten wordt onttrokken, worden botten brozer. Ze kunnen met name richting het einde van de legronde sneller breken, wat erg pijnlijk is. . .

. Hypocalciëmie is een te laag gehalte aan calcium in het bloed, omdat al het calcium naar het maken van het ei is gegaan. Door dit te lage gehalte kunnen spieren gaan verkrampen en sterven de kippen door verstikking.

Voetproblemen

Ook problemen aan de voeten/voetzolen komen veel voor (hyperkeratose, voetzooldermatitis en “bumble foot”). Belangrijke factoren voor het veroorzaken van deze problemen zijn: het staltype, nat strooisel, zitstok- en vloermateriaal, zitstokgedrag en slechte poothygiëne.

Cloaca prolaps

Een opvallende cloaca is bovendien aantrekkelijk voor andere kippen om naar te pikken en zo gaat het van kwaad tot erger.